Ceci est une ancienne révision du document !


Civ. Anvers, 25 juin 2012, R.A.B.G., 2013, liv. 2, p. 90

jugement

Belanghebbenden, zoals de aangelanden, kunnen gerechtelijk aanspraak maken op de inachtneming van een publiekrechtelijke erfdienstbaarheid van doorgang (buurtweg). Wie aanvoert dat het publiekrechtelijk karakter van een buurtweg, waarvan de bodem haar toebehoort, gedurende dertig jaar niet tot het openbaar nut diende, moet dit bewijzen. Openbaar gebruik van een buurtweg in de zin van artikel 12 van de wet van 10 april 1841 op de buurtwegen betekent niet noodzakelijk een frequent gebruik; een toevallig of sporadisch gebruik volstaat.

traduction Google

Les parties prenantes, telles que les propriétaires fonciers, peuvent légalement réclamer le respect d'une servitude de droit public de transit (route de quartier). Quiconque prétend que le caractère de droit public d’une route de voisinage, dont le sol lui appartient, n’a pas servi l’intérêt public pendant trente ans, doit le prouver. L'utilisation publique d'une route de quartier au sens de l'article 12 de la loi du 10 avril 1841 sur les routes locales ne signifie pas nécessairement un usage fréquent; une utilisation hasardeuse ou sporadique est suffisante.

http://www.jurisquare.be/pdf/journal/rabg/2013-2/rb-antwerpen-25062012-zakelijke-rechten-erfdienstbaarheid-door-de-wet-algemeen-buurtweg/index.html

  • jugement-2012-06-25.1538049756.txt.gz
  • Dernière modification: 2018/10/12 11:19
  • (modification externe)